Inloggen

Hamstringblessure PDF Afdrukken E-mailadres

Wat houdt de blessure in? 

De hamstrings (hiermee wordt meestal de biceps femoris bedoeld, maar in feite bestaan ze uit meerdere spieren) liggen aan de achterzijde van het bovenbeen. De blessure kan diverse gradaties hebben. Het kan verrekking zijn met enkele microscheurtjes (soms maar van enkele vezels), maar ook een echte ruptuur (scheur), die zich weer op zijn beurt in de lengte of in de breedte voor kan doen. Het komt ook wel voor (maar bij deze spiergroep vrij sporadisch) dat de hele spier afgescheurd is. Bij een ernstige spierscheur en zeker bij deze laatste wordt een enorme stekende pijn ervaren als of men plotseling een zeer harde schop of klap met een scherp voorwerp heeft gekregen of dat je met een hete pen bent gestoken. Men spreekt dan van een zweepslag. Bij een kneuzing spreekt men nog niet over een blessure.

Oorzaken

Naast lichamelijk geweld is er een meer voorkomende factor die schuld is aan deze blessure. Zoals de meeste spierletsels vindt ook dit zijn oorsprong in een slechte conditie, slechte of onvoldoende warming up en gebrekkige stretching vóór aanvang van de activiteit. Ook oververmoeidheid en overtraining kan een oorzaak of bijkomende factor zijn. Daarom vinden ook veel van deze blessures vaak al plaats net aan het begin van een training of wedstrijd. Onverwachte en plotselinge bewegingen en veranderen van een beweging, zoals krachtig afzetten bij springen, een sprint trekken, hard tegen iets trappen, vergroten de kans op dit letsel nog meer.

Herkennning

Naast de eerder genoemde stekende pijn of erg krampgevoel zijn er nog enkele kenmerken die op een spierscheur kunnen wijzen. Ten eerste:

- pijn aan achterzijde bovenbeen en knieholte en een toenemende pijn bij het buigen van de knie.
 
Ten tweede (en dit is zeker door een ervaren sportverzorger d.m.v. palpatie te herkennen):

- een onregelmatigheid in het oppervlak van het getroffen deel: een kuil of gleuf meestal geflankeerd door een wat gezwollen richel.
 
Verder pijn bij elke rekbeweging van de spier en meestal een blauwe plek op de plaats van het trauma, die soms pas na uren en soms dagen kan verschijnen. Het uitblijven van dit symptoom is dus geen garantie dat er géén spierscheur is. Maar het verschijnen duidt ook niet altijd op een spierscheur: het kan ook een gewone kneuzing zijn. Alertheid is geboden. Wel is het zo dat de getroffen plek lange tijd stijfheid kan opleveren. Is er boven de betreffende plek een duidelijke bult te zien, moet men op een avulsie oftewel totaal afscheuring van de spier van de aanhechtingsplaats bedacht zijn. Het is sowieso raadzaam om bij vermoeden van een spierscheur een sportarts te raadplegen, maar bij een totaalruptuur is directe medische diagnose en een zo spoedig mogelijke behandeling bij bevestiging van dit trauma absoluut noodzakelijk.

Behandeling

1) EHBSO: koelen middels de bekende ICER-regel.
2) Bij een ruptuur die geen medische indicatie heeft, kan een ervaren sportverzorger/-masseur een prima behandeling geven. Hij kan door bandage een goede compressie op de spier bewerkstelligen, waardoor deze belemmerd wordt in zijn contractie (samentrekken) en daardoor minder spanning op de getroffen plek ontstaat. Bovendien kan zonodig de spierbuik zodanig in de richting getrokken en gefixeerd worden dat het de spier de minste spanning oplevert.
3) Dagelijks koeltherapie, gecompleteerd door dagelijks insmeren met spierversterkende /-ontspannende crèmes.
4) Bij een totaalruptuur of avulsie (afscheuring) rest slecht operatief ingrijpen. Dit is dus een zaak voor de orthopedisch chirurg en in sommige gevallen in overleg of samenwerking met een neuroloog, omdat hierbij ook zenuwen (die al dan niet bekneld zijn of kunnen worden) een rol spelen.

Revalidatie

Het herstelproces kan het best begeleid worden door een sportarts, sportkinesitherapeut, sportfysiotherapeut of deskundig sportverzorger met kennis van en ervaring in sportletsels, want het programma moet geleidelijk worden opgevoerd totdat de aandoening helemaal is genezen, voordat er sprake kan zijn normale trainingen te volgen. En dan nog mag niet maximaal worden begonnen. Om weer op oude niveau te kunnen presteren, moeten kracht, flexibiliteit, een normaal bewegingspatroon en normale coördinatie weer 100% zijn teruggekeerd. Dit om de kans op herhaling en op een chronische aandoening te voorkomen. Hiervoor moeten in de revalidatieperiode kracht- en lenigheidsoefening deel uitmaken van het programma en niet alleen klachtgerichte en conditionele oefeningen.

Hervatten training

Het beste is om dit onder begeleiding van trainer en in samenwerking met sportverzorger te doen. Alhoewel elke revalidatie en training individueel bepaald moet worden raad ik degenen die zelfstandig trainen in elk geval aan om de eerste week te starten met een programma gebaseerd op twee korte, niet te intensieve trainingen per dag van 15 minuten (ca. drie series van 10 tot 15 herhalingen en dit elke dag geleidelijk opvoeren met een serie en dan eventueel het aantal herhalingen). De pijngrens is de maatstaf die hierbij niet mag worden overschreden. Wanneer er pijn op komt zetten, moet de intensiteit onmiddellijk verminderd worden. Als de pijn een belemmering gaat vormen, moeten de oefeningen gestaakt worden.

Preventieve maatregelen

Uit de genoemde oorzaken blijkt al welke preventieve maatregelen men zelf kan nemen; maar nog maar eens op een rijtje:

* Zorg voor een goede conditie, voldoende spierkracht en souplesse.
* Zorg dat je niet overtraind, overbelast, oververmoeid bent voor een inspanning.
* Voer altijd en op de juiste wijze de warming up, cooling down en stretching uit.
* Ga regelmatig naar de sportverzorger/-masseur voor onderhoud en controle.
* Zorg voor volledig herstel, vóórdat je aan een de normale trainingen begint.
* Denk bij kou aan goed verwarmende kleding en hoed je voor plotselinge afkoeling.
 
Dit artikel is afkomstig van www.aryo2000sporttherapie.web-log.nl
 



BrowseSafe

BrowseSafe Level groen logo


CustomWebsite.nl